14 januari 2022

Geliefden van de Heere, vrede zij met u!

In onze overdenkingen komen we tot de vraag naar de oplossing van het vraagstuk van de zonde in de nieuwtestamentische tijd.

Zoals reeds opgemerkt, vereist zonde genoegdoening door een offer. Dit was reeds duidelijk in de Hof van Eden na de zondeval. God laat de mens niet in het ongewisse. Met de verkondiging van de belofte van verlossing van de zonde vanaf het begin, door het volmaakte offer – Zijn Zoon – waarvan de oudtestamentische instelling van het offersysteem sprak, zendt God een Verlosser in de wereld.

Christus, die de wereld binnentreedt, zegt: ” Daarom zegt Hij bij Zijn komst in de wereld: Slachtoffer en graanoffer hebt U niet gewild, maar U hebt voor Mij een lichaam gereedgemaakt. Brandoffers en offers voor de zonde hebben U niet behaagd. Daarna sprak Hij: Zie, Ik kom om Uw wil te doen, o God. Hij neemt het eerste weg om het tweede daarvoor in de plaats te zetten.(Hebreeën 10:5,9). Dus Jezus Christus is het volmaakte verzoenende offer. Hij is het onschuldige en reine Lam van God, dat vóór de grondlegging der wereld is aangewezen (1 Petr. 1:19,20; Openb. 13:8). Zijn hele leven getuigde hiervan. Zelfs zijn vijanden getuigden hiervan. Judas, de verrader, zei: “Ik heb gezondigd door onschuldig bloed te verraden” (Mattheüs 27:4). Pilatus is heerser en rechter: “…ik vind geen schuld in Hem” (Johannes 18:38). Spreekt dit niet van de absolute zuiverheid van het offer. Haar volmaaktheid blijkt uit het feit dat zij alomvattend en toereikend is. Het wast alle zonde weg en vergeeft iedere zondaar die berouw heeft en verbroken wordt voor Hem.

Laten wij Jezus Christus loven: “Want met één offer heeft Hij hen die geheiligd worden, tot in eeuwigheid volmaakt” (Hebreeën 10:14 ).

Dominee D.M. Vinogradsky 14.01.22

Geef een antwoord